We begeven ons naar het winterse Scheveningen: bitterkoud, regenvlagen, door de verlaten Palace Promenade vol leegstand, om de Pier te bezoeken. We trotseren dit alles met maar één doel: wie is de man die de Pier heeft gekocht en nieuw leven denkt in te blazen? Wat drijft hem? Waarom denkt hij te slagen waar zijn voorgangers faalden?
Zo grijs en haveloos als de Pier is, zo gesoigneerd is haar eigenaar, Saman Mohammadi van RE:BORN, die, getooid met een veelkleurig pochet, ons welkom heet en zonder haperen het antwoord geeft. Wat hem drijft? Emotie… de waarde zien die een plek of een gebouw in het leven van mensen heeft gehad, en daar nieuwe betekenis aan geven.
Hij vertelt hoe hij als jongen van acht hand in hand met zijn vader liep over de Pier van Scheveningen. Het was geen uitje zoals zoveel andere uitjes. Het was een ritueel. Een manier om heimwee te stillen. Mohammadi is geboren in een Iraanse havenstad, uit een familie van zeelieden. De zee hoorde bij zijn jeugd, bij zijn vader, bij zijn identiteit. In Zoetermeer, waar het gezin zich vestigde, was wel water maar geen zee. Dus gingen vader en zoon naar Scheveningen. Naar de Pier. Zijn Pier, zou hij later kunnen zeggen.
Decennia later is die herinnering geen nostalgisch detail meer, maar de kern van een ambitieus project. Via zijn ontwikkelbedrijf RE:BORN geeft Mohammadi samen met partner Raouf Jarmo, die overigens in Den Haag is geboren, zich een opdracht die door velen onmogelijk wordt geacht: de redding en vernieuwing van de Pier. Niet door haar te veranderen in een afgesloten attractie, maar door haar opnieuw te verbinden met de stad, zee, bewoners en bezoekers.
Mohammadi zegt anders te zijn dan veel projectontwikkelaars in zijn manier van kijken. “Anderen kijken naar gebouwen en zien verval. Wij kijken door een gebouw heen en zien de schoonheid in de structuur. Leegstand biedt mogelijkheden,” zegt hij met een glimlach. Niet de façade, maar het skelet van een gebouw is bepalend. Die manier van denken — technisch, maar ook bijna filosofisch — vormt de basis van zijn aanpak. “De draagconstructie van een gebouw is als karakter: onzichtbaar, maar allesbepalend.”
Dat principe past hij consequent toe. Centraal in Mohammadi’s visie staat circulair bouwen.
“Duurzaamheid begint niet met zonnepanelen, maar met respect voor wat er al staat.” Hergebruik van draagstructuren bespaart enorme hoeveelheden CO₂ en materiaal. “Negentig procent van de massa van een gebouw zit in de draagconstructie,” stelt hij. “Als je die hergebruikt, bespaar je tot tachtig procent CO₂-uitstoot.” Het zijn cijfers die inmiddels gemeengoed lijken, maar die in de praktijk zelden zo radicaal worden toegepast als hier. RE:BORN onderzoekt onder meer de mogelijkheid om circulaire bouwdelen van iconische gebouwen een nieuwe bestemming te geven. Zo is men van plan de ronde toren van De Nederlandsche Bank in Amsterdam — 8.000 m² kantoorruimte — te demonteren en opnieuw op te bouwen op de Pier, ditmaal als hotel, kantoor, bar, restaurant en uitkijkdek. Zoiets is nog nooit vertoond. Juist daar voelt RE:BORN zich thuis: niet door grootschalige sloop, maar door hergebruik van wat al aanwezig is. Dit maakt, zo wordt ons verteld, de Pier tot een sleutelproject binnen het RE:BORN-ecosysteem, waarin vastgoedontwikkeling, hospitality en exploitatie samenkomen.
De renovatie van de draagconstructie van de Pier wordt een bijzonder technisch complex plan: rondom de Pier wordt de zee drooggelegd met zware, zeven meter brede kistdamwanden, aangebracht door een maritieme aannemer; de bovenbouw wordt ontmanteld, het gesloopte materiaal gerecycled, terwijl de kolommen worden versterkt met nieuwe holle stalen palen die daaromheen worden geslagen. Geen symbolische duurzaamheid, maar ingrijpend en kostbaar. Juist daarom haken veel partijen af. Het trekt Mohammadi juist aan.
Toch is techniek niet wat hem drijft. Het begint, zegt hij zelf, met emotie. Met binding aan een plek. Geld is noodzakelijk, maar niet leidend. Dat verklaart ook een van de opvallendste keuzes in het Pier-project: de Pier blijft vrij toegankelijk. Geen entree, geen afzettingen. In plaats daarvan komt er een park aan zee, een publieke ruimte die juist ook in de winter aantrekkelijk moet zijn. Het hotel dat onderdeel wordt van de ontwikkeling, fungeert daarbij als financiële motor — “de businesscase” — waarmee sociaal maatschappelijke functies mogelijk worden gemaakt: kunst, cultuur, educatie en verblijf.
De combinatie van commercieel en maatschappelijk is essentieel voor RE:BORN. Mohammadi: “Anderen kijken naar de businesscase, wij naar een ‘beautycase’: onderdelen die geen direct rendement opleveren, maar wel waarde toevoegen aan stad en samenleving.”
Niet alleen ontwikkelen, maar ook exploiteren. Niet alleen bouwen, maar ook programmeren. RE:BORN beheert zijn projecten zelf, met tientallen medewerkers die horeca, hotels en voorzieningen draaiend houden.
Hoewel het nieuwbouwplan past binnen de ruimtelijke kaders van het bestemmingsplan, vond Mohammadi het belangrijk een uitgebreid participatietraject te doorlopen met omwonenden en ondernemers. Dat participatieproces geldt inmiddels bij de gemeente Den Haag als voorbeeld. Het laat zien dat grote ingrepen niet per definitie tot polarisatie hoeven te leiden, mits er serieus geluisterd wordt en ruimte is voor aanpassing.
De gedrevenheid spat van onze gastheer af. Hij vertelt hoe hij geniet van de rollen die hij speelt: die van ondernemer, ontwikkelaar, investeerder, maar ook van gast. Hij slaapt in zijn eigen projecten — “je moet je projecten als gast ervaren” — of maakt zelf een koffietje aan de bar. “Als je te ver van de praktijk af komt te staan, verlies je het gevoel voor wat werkt,” zegt hij. Het is die houding die zijn projecten een zekere eigenzinnigheid geeft: minder glad, maar meer doorleefd.
RE:BORN wil voor Den Haag meer betekenen dan alleen een nieuwe Pier. Zij wil een ontwikkelmodel tonen waarin behoud en vernieuwing geen tegenpolen zijn, waarin duurzaamheid geen marketingterm is en waarin publieke ruimte niet het sluitstuk, maar het vertrekpunt vormt.
Met dezelfde flair restaureert RE:BORN de Spaansche Hof aan het Westeinde en heeft hij de sterrenkok van Parkheuvel in Rotterdam naar de Paleisstraat tegenover Paleis Noordeinde gelokt onder de naam EVE by Erik van Loo. Ook is de Palace Promenade verworven om deze stap voor stap nieuw leven in te blazen. Allemaal iconische plekken die nieuw leven behoeven.
Het moet gezegd worden: de passie waarmee de heer Mohammadi spreekt, maakt indruk. Als wij de Pier verlaten, zien we ineens ook zonniger vergezichten. Saman Mohammadi is een opvallende speler in de stad — volgens eigen zeggen niet omdat hij groots wil bouwen, maar omdat hij heeft leren inzien waar anderen vooral kijken. “Waar anderen alleen zien, heb ik leren inzien.”
En misschien begon dat allemaal al, lang geleden, op die wandelingen met zijn vader. Over de Pier. Zijn Pier.
Rupert van Heijningen
Michael Toorop
Dit artikel werd in 2026 gepubliceerd in Ons Den Haag, het blad van De Vrienden van Den Haag.


